Een schuur vol licht en kleur
Een oude boerenschuur kreeg een tweede leven als jeugdhuis van de parochie. Koen en Iris ontdekten de verborgen parel en transformeerden het afgeleefde gebouw tot een hoge, lichte leefruimte vol kleur en karakter. Een herbestemming met veel respect voor het verleden, vol slimme ingrepen en eigenzinnige oplossingen.
De wijk achter station Gent-Dampoort is een mix van oude arbeiderswoningen, grote winkels en vergane glorie. Maar in het binnengebied, tussen het Sint-Baafskouterpark en een aantal troosteloze garageboxen, schuilt een kleine oase. Hier huist Pic Nic Del Mundo, een cateringbedrijf gespecialiseerd in wereldkeuken, en waar je sinds een paar jaar elke augustusmaand terecht kunt in de tuin voor een hapje en een drankje . Het cateringbedrijf van Iris zit verscholen in het woonhuis van wat ooit een boerderij was. Eigenaars Iris en Koen maakten van de bijbehorende oude schuur hun woonst.
Binnengebieden in stedelijke omgevingen zijn vaak bijzonder. De stadsdrukte valt meteen van je af. De straatgeluiden lijken opeens ver weg. De kasseien, de ruime tuin en de monumentale schuur met een grote serre er tegenaan gebouwd creëren een instant vakantiegevoel.
De voordeur zit achteraan. We zijn dus echt op het platteland, zo lijkt het. We lopen door een gang met fraaie lambrisering en komen in de open keuken en de woonkamer waarin de structuur van de oude schuur nog goed zichtbaar is. Oude houten balken ademen geschiedenis. De keuken met open regalen, een kookboekenbibliotheek en een indrukwekkend fornuis verraden dat hier iemand woont die van koken houdt.
“Dit was inderdaad ooit een echte boerenschuur,” vertelt Koen. “Gebouwd in 1679, later eigendom van de familie Clauwaert, en sinds de jaren zestig gebruikt als jeugdhuis van de parochie. Toen wij het kochten, was het nog altijd een soort polyvalente zaal.”
Het koppel verwierf het complex in 2020. Koen is architect van opleiding en werkt voor de NMBS. Iris en Koen hebben vooraf hun tijd genomen om zorgvuldig af te wegen wat ze er precies mee zouden doen. Allerlei mogelijkheden passeerden de revue, ze droomden samen en Koen tekende verschillende versies van de plannen. Het eerste wilde idee was om de schuur om te bouwen tot een feestzaal met keuken. “Maar een feestzaal midden in een woonwijk, dat zou voor problemen zorgen,” zegt Iris. “We wilden hier vooral wonen. En werken combineren met wonen, zodat ik niet meer elders een kookatelier moest huren.”

Het huis met geschiedenis
De schuur bleek een geschiedenisboek op zich. “Het oorspronkelijke bouwjaar is goed gedocumenteerd,” zegt Koen “Naar alle waarschijnlijkheid is de schuur opnieuw opgebouwd na de plundering en verwoesting van de boerderij door het leger van Lodewijk XIV.”
In de balkenstructuur zitten nog houten pennen, geen nagels. Sommige draagbalken zijn duidelijk recuperatiemateriaal uit andere gebouwen. Tijdens de jeugdhuisperiode werden er allerlei ingrepen gedaan. Er kwam een monumentale schouw. De plaatselijke petanqueclub legde op het voormalige neerhof een aantal banen aan, waarvan er eentje werd behouden. De leden van de kunstacademie decoreerden de muren van het woonhuis. “De ingrepen waren niet allemaal even geschikt voor een keuken,” zegt Iris. “Maar we hebben wel bewust een aantal sporen laten zitten. We schrijven een nieuw hoofdstuk in de geschiedenis van het gebouw, maar we wissen de vorige niet uit.” Op de eerste verdieping hangt nog altijd het Christusbeeld dat ooit over de bezoekers van het jeugdhuis waakte.
Ook de erfgoedcontext speelde mee. Het gebouw is geen beschermd monument, maar staat wel op de inventaris van bouwkundig erfgoed. “Dat betekent het nodige overleg met Monumentenzorg,” zegt Koen. “Maar dat verliep allemaal bijzonder constructief. Ze zijn ter plaatse komen kijken en hielpen ons om te begrijpen wat kon veranderen en wat zeker behouden moest blijven: de originele spanten, de schouw in de boerderij, en ook de – nogal steile – trap in het woonhuis. het hoofdgebouw.”

Noordgerichte serre
De grootste uitdaging was licht. “Ik heb veel behoefte aan daglicht en in de schuur was het nogal donker,” zegt Iris. “Eén raam, verder niets.” Er werd dus veel gebrainstormd en getekend, rekening houdend met allerlei mogelijkheden en noodzakelijkheden: functies, circulatie, logistiek voor het cateringbedrijf, leefkwaliteit, maximaal daglicht, zicht op de tuin. Uiteindelijk viel het verdict: wonen in de schuur, werken in de boerderij.
Voor het daglichtprobleem kwamen er grote Velux-ramen in het dak, grote houten deuren in de zijgevels, twee hoge ramen naar de tuin én een serre die de blinde achtergevel brak. De serre oogt negentiende-eeuws, met blauwgroene profielen, maar is volledig nieuw. “Iedereen vraagt of ze origineel is,” zegt Koen. “Maar dat is dus helemaal niet het geval.” Vanuit de woonkamer heb je via die hoge ramen directe toegang tot de serre. Omdat ze noordgericht is, heeft het weinig zin om hier groenten of fruit te kweken. De serre is dus gewoon een leuke plek om in te zitten en van de tuin te genieten. En ze complementeert de woning alsof ze er altijd al geweest is.
Schuur in de schuur
Structureel werd de schuur volledig aangepakt. Het dak werd geïsoleerd, de vloer uitgegraven tot vijftig centimeter diepte, voorzien van goede isolatie en vloerverwarming. De oude terracottategels uit de jaren zestig dienden tijdens de werken nog als rijvloer voor hoogtewerkers. “Het was bijna surrealistisch,” zegt Koen. “We lieten het plafond afwerken en in één moeite ook schilderen om kosten te besparen. Pas toen het plafond en de muren klaar waren, begonnen de vloerwerken.”
Toch is de geschiedenis van de schuur niet weggestopt, met getuigen als de balken en de oude openingen waardoor de schuur verlucht werd – nu weliswaar afgesloten met flessenglas. In de voor de rest geheel open ruimte bouwden Koen en Iris op de eerste verdieping een klein huisje in het huis: een houten volume dat dienstdoet als thuiskantoor en logeerkamer. “Sinds corona werkt Koen regelmatig van thuis uit,” zegt Iris. “In zo’n grote ruimte heb je dan toch nood aan stilte.” Het volume kreeg de vorm en uitwerking van een Scandinavische schuur in miniatuur.
Het neerhof werd vakkundig onthard tot een tuin met plantenperken, gras, een zitzone, een bar en achterin een oude woonwagen en een kippenhok. In de zomer wordt de tuin een tijdelijk tuincafé, de Heerlijkheid van Herlegem. Dan kan iedereen aan den lijve ervaren dat je – met een dosis geluk – eigenlijk helemaal niet moet kiezen tussen het stad en het platteland.
Kleuren, contrasten en karakter
In het interieur van de woning regeert de vrijheid. Geen beige, geen 9010-wit. Wel roze tinten, groene muren, oranje accenten, oude luchters, tweedehandskasten en -sofa’s.
“We combineren alles,” zegt Iris. “Vintage, Ikea, maatwerk. Oude waskommen dienen als lavabo. In de meeste badkamerwinkels vonden we geen wastafel naar onze smaak, en we vonden ze ook veel te duur.” De keuken kreeg een uitgesproken Engelse cottage-stijl, met handgemaakte regalen en zelfgemaakte fronten op Ikeakasten. De badkamer is Marokkaans geïnspireerd, met een douche in Mortex en een wastafel met zelliges. De slaapkamer is bewust klein en intiem met houten lambriseringen en een vlotte toegang tot de hottub buiten.
Hoe stel je zo’n eclectisch interieur samen? “We hebben maanden op tweedehandswebsites gezeten,” zegt Koen. “Geduld is de sleutel.” Sommige vondsten waren toeval: een salon dat hen aan hun grootouders deed denken, een apothekerskast die perfect paste.
Op een muur prijkt een grote muurschildering, speciaal gemaakt door een bevriende kunstenaar. “Het zit vol verwijzingen naar ons leven,” zegt Koen. “Eten, reizen, dansen en zelfs een klein treintje.”

Wat hebben Koen en Iris uit hun verbouwing geleerd?
Koen en Iris waren met deze verbouwing niet aan hun proefstuk toe. De belangrijkste les uit dit project is wellicht dat je best je tijd neemt om verschillende scenario’s tegen elkaar af te wegen – al heeft niet iedereen die luxe, omdat er vaak tijdsdruk is bij de aankoop van een woning.
Een ander inzicht is dat je out of the box moet durven denken. Zo bespaarden Koen en Iris kosten door ruwbouw, isolatie, afwerking en schilderwerken van het dak en het plafond aansluitend te laten uitvoeren met behulp van een hoogtewerker, en pas daarna de vloeren te plaatsen.
Maar de verbouwing leverde hen niet alleen praktische lessen op. Ze veranderde ook hun kijk op wat een geslaagd project echt betekent. “Dat we het oude gebouw opnieuw waarde hebben gegeven, zonder het verleden te verbergen,” zegt Koen. Voor Iris zit die meerwaarde niet alleen in de woning zelf: “De tuin en de serre maken het geheel echt af, die vind ik uiteindelijk het meest geslaagd.”
Infofiche
Locatie Sint-Amandsberg (Gent)
Type woning Verbouwing van historische schuur (bouwjaar 1679)
Oorspronkelijke functie Boerderijschuur, later jeugdhuis van de parochie
Bewoonbare oppervlakte 150 m2
Ingrepen Nieuwe dakisolatie, vloerverwarming, Velux-ramen, nieuwe raamopeningen, serre, heraanleg tuin
Vakmannen
Schrijnwerker – Luc Van Damme
Mortex – Fleming-deco
Aannemer algemene bouw – TTA Building
Sanitair en verwarming – De Bruycker M&W
Elektriciteit – KR Elektro
Dakwerken – Ruben Demeulenaere
Vintage verlichting – Hutta Styling Stories