Van donkere koterij naar lichte stadstuinwoning.

In een drukke Gentse straat transformeerde architect Thomas Roelandts een herenhuis uit 1920 op een compact perceel tot een kleurrijke, verticale gezinswoning met stadstuin. Hoe ging hij daarbij te werk?

Wat nog niet zo lang geleden een uitgeleefde en donkere woning was, vormde Thomas Roelandts van Marge Architecten om tot een nieuw geheel. Hij koos voor gestapelde functies en deed dat met maximaal behoud van authentieke elementen. Het resultaat is een woning met alle hedendaags comfort en veel art deco-charme. De koterijen van vroeger verdwenen en maakten plaats voor een fijne stadstuin. Op de bovenste verdieping kwam een terras, zodat het huis nu zowel boven als beneden over kwalitatieve buitenruimtes beschikt. 

Ontharden

Toen Thomas het pand aankocht, keek hij vooral naar het potentieel. “De woning was ruim, maar volledig dichtgeslibd. Er waren veel kamers, maar weinig licht en weinig samenhang. En vooral: geen tuin. Het volledige perceel was volgebouwd. Onze eerste ingreep was dus drastisch maar noodzakelijk: de achterbouw verdween.”

Twee gezichten

De woning heeft vandaag twee duidelijke gezichten: een historische voorgevel aan de straatzijde en een kleurrijke, eigentijdse achtergevel aan de kant van de tuin. Het perceel is met 78 vierkante meter aan de kleine kant. Toch slaagde Thomas erin 35% daarvan te ontharden. “We hebben ervoor gekozen om het bouwvolume opnieuw te beperken tot het oorspronkelijke hoofdgebouw. Het historisch hoofdvolume is zeker ruim genoeg voor een gezin van vier mensen. Door de koterijen af te breken, ontstond ruimte voor ontharding, wateropvang, beplanting en meer daglicht.”

Kelderkeuken

De gerenoveerde woning telt vijf volwaardige niveaus, elk met een duidelijke functie. De kelderverdieping (vooraan iets onder het straatniveau, achteraan op tuinniveau) werd opnieuw ingericht als keuken, zoals oorspronkelijk ook het geval was. Vooraan kwam er plaats voor een (fietsen)berging. De kelderkeuken kreeg grote ramen met uitzicht op de tuin en werd voorzien van mechanische ventilatie.

Poppenkast

Op de bel-etage verwijderde de architect een dragende tussenmuur, waardoor de leefruimte vooraan zich nu uitstrekt over de volledige breedte van het perceel. Hier is plaats voor een grote zithoek. In het achterste deel vinden we een eetplaats voor speciale gelegenheden en een ruime bibliotheek. Een poppenkastachtige opening maakt een verbinding tussen het eetgedeelte en de gang. Achter de kleurrijke achterste raamprofielen bevindt zich een klein uitkragend terras.

Decoratieve elementen

Bij het ontwerp stond de bestaande structuur centraal. “We wilden maximaal de kwaliteiten van het historische huis benutten,” zegt Thomas. Decoratieve elementen zoals moulures, schouwen en parketvloeren behield hij waar mogelijk. De technische ingrepen moesten daarom met grote precisie gebeuren. Leidingen en kabels lopen via een centrale verticale schacht doorheen alle verdiepingen. Die is op sommige plaatsen zichtbaar als kast, op andere subtiel weggewerkt in het meubilair. “Elke centimeter telt, zeker in zo’n smalle woning. Alles is zorgvuldig uitgetekend zodat het functioneel klopt én esthetisch in het geheel past.”

Horizontale banden

De achtergevel werd volledig vernieuwd. Die is opgebouwd in horizontale banden: een blauwe plint onderaan, een geel tussendeel, een witte zone en een gele, gebogen kroon die dienstdoet als dakgoot. Het schrijnwerk en de balustrades kregen een roze-oranje kleur. De kleuren zijn gekozen in relatie tot de voorgevel, maar ook om vervuiling van bijvoorbeeld spatwater minder zichtbaar te maken. Thomas voorzag de achtergevel van 22 cm isolatie. Kleine ramen – zoals die in de traphal – zitten diep in de gevel en hebben daarom geen zonwering nodig. Grotere ramen werden naar voren gebracht om het interieur te maximaliseren. Deze raampartijen werden voorzien van screens, onzichtbaar geïntegreerd in het schrijnwerk.

Regenwaterrecuperatie

De tuin is bescheiden van omvang – zo’n 24 m² – maar speelt een centrale rol in het wooncomfort. Het regenwater kan er volop infiltereren in de bodem. Zo wordt oververhitting van de woning en de stad mee beperkt. De beplanting bestaat uit inheemse soorten, en er is aandacht voor biodiversiteit, met nestkasten, een bijenhotel en een kleine vijver in de schaduw. Een oude grondwaterput werd terug in gebruik genomen voor de buitenkraan. Het regenwater wordt dus opgevangen in twee reservoirs: de historische put onder de tuin en de extra tank op het dak. Thomas stipt aan: “We hebben meteen ook het leidingwerk voorbereid op grijswaterrecuperatie. Dat systeem kunnen we later gewoon aankoppelen.”

Logistieke uitdagingen

De volledige renovatie duurde elf maanden. De stedelijke ligging bracht logistieke uitdagingen met zich mee. Zo konden aan de voorkant geen hijskraan of grote containers worden geplaatst door de aanwezigheid van een tramlijn. Maar ook dat zijn ze wel gewoon bij Marge architecten. “We voerden het puin af met behulp van extra smalle containers. En bij grote leveringen, zoals die van de ramen, installeerden we een mobiele kraan in een achterliggende straat. Ik ben ondertussen gewoon om klanten die een dergelijk pand kopen gerust te stellen: er is altijd wel een oplossing, zelfs in smalle straten met een tramlijn.”

Info/fiche:

Opgeleverd: 2024 (oorspronkelijk bouwjaar 1920)

Type woning: Gesloten bebouwing, 220 m2 bewoonbare oppervlakte

Architect: Thomas Roelandts, Marge. www.margearchitecten.be

Technieken: Warmtepomp, aeroconvectoren, ventilatiesysteem C+ (Renson Healthbox 3.0), zonnepanelen, thuisbatterij, regenwaterrecuperatie.